Dictionary

Businessbegrippenlijst (business glossary)

Een businessbegrippenlijst legt vast wat woorden zoals klant, omzet, marge of actieve gebruiker precies betekenen in je organisatie. Het is de businesslaag bovenop je technische metadata: de plek waar teams dezelfde taal leren spreken.

Wat is een businessbegrippenlijst?

Een businessbegrippenlijst is de afgesproken woordenlijst van je organisatie. Ze legt vast wat woorden zoals klant, omzet, marge, actieve gebruiker of churn precies betekenen. Niet technisch, maar in taal die finance, sales, operations en data samen begrijpen.

Denk aan het verschil tussen "omzet" in sales en "omzet" in finance. Sales kijkt misschien naar getekende offertes, finance naar gefactureerde bedragen zonder btw. Beide gebruiken hetzelfde woord, maar sturen op iets anders. Een businessbegrippenlijst maakt dat zichtbaar.

Ze hoort thuis naast je data catalog. De catalog zegt waar de tabel staat en wie eigenaar is. De businessbegrippenlijst zegt wat het begrip betekent en welke definitie telt wanneer er discussie ontstaat.

Wanneer gebruik je een businessbegrippenlijst?

  • Bij KPI-discussies
    Als drie dashboards drie verschillende omzetcijfers tonen, start je niet in de query maar bij de definitie.

  • Bij self-service analytics
    Teams kunnen pas zelf rapporteren als ze weten welke definities officieel zijn.

  • Bij datamigraties
    Een migratie lukt sneller wanneer oude en nieuwe veldnamen aan dezelfde businessbegrippen hangen.

  • Bij onboarding
    Nieuwe medewerkers leren sneller hoe het bedrijf spreekt over klanten, producten en processen.

Wat staat erin?

Een goede entry bevat meer dan een korte definitie. Je wil minstens de naam van het begrip, de definitie, de eigenaar, de geldende context en de link naar de data waar het begrip in leeft. Bij een KPI hoort ook de formule.

Voor "actieve klant" kan de definitie bijvoorbeeld zijn: een klant met minstens één betaalde factuur in de laatste twaalf maanden. De eigenaar is sales operations, de bron is het ERP, en de uitsluitingen zijn testklanten en interne vennootschappen.

Het belangrijkste veld is vaak niet de definitie maar de eigenaar. Zonder eigenaar veroudert de begrippenlijst snel, want niemand beslist wat er gebeurt wanneer het proces verandert.

Businessbegrippenlijst versus data catalog

Een data catalog beschrijft datasets, tabellen, kolommen, lineage en eigenaarschap. Een businessbegrippenlijst beschrijft begrippen. De twee horen samen, maar ze lossen een ander probleem op.

Als iemand vraagt "waar staat klantnummer?", helpt de catalog. Als iemand vraagt "wanneer tellen we iemand als klant?", helpt de businessbegrippenlijst. In volwassen omgevingen link je het begrip aan de datasets, rapporten en semantic models waar het gebruikt wordt.

Waar moet je op letten bij het gebruik van een businessbegrippenlijst?

Begin met de woorden die pijn doen
Probeer niet op dag één elk begrip in het bedrijf te documenteren. Start met de termen die elke maand tot discussie leiden: omzet, marge, order, klant, voorraad, actieve gebruiker.

Schrijf definities in business-taal
Een definitie die alleen het datateam begrijpt, is geen businessbegrip. Vermijd tabelnamen als uitleg. Link ernaar, maar schrijf eerst wat het begrip betekent.

Maak eigenaarschap zichtbaar
Bij elke definitie moet duidelijk zijn wie mag beslissen dat ze verandert. Anders wordt de begrippenlijst een archief, geen werkdocument.

FAQ over businessbegrippenlijsten

1. Is dit hetzelfde als een data dictionary?
Nee. Een data dictionary beschrijft meestal technische velden. Een businessbegrippenlijst beschrijft betekenis in de taal van de organisatie.

2. Moet elk begrip een eigenaar hebben?
Ja. Zonder eigenaar blijft er niemand verantwoordelijk wanneer een definitie betwist of verouderd is.

Laatst Bijgewerkt: July 8, 2026 Terug naar Woordenboek
Trefwoorden
business glossary businessbegrippenlijst data catalog metadata data governance datakwaliteit KPI semantic model data ownership