Dictionary

Power Platform admin center

Het Power Platform admin center is Microsofts centrale beheerportaal voor Power Platform-omgevingen, capaciteit, policies, analytics, beveiliging en supportinstellingen.

Wat is het Power Platform admin center?

Het Power Platform admin center is het centrale beheerportaal voor Power Platform en gerelateerde Dynamics 365-omgevingen. Beheerders gebruiken het voor environments, capaciteit, policies, analytics, beveiligingsinstellingen en support.

Het portaal wordt vaak PPAC genoemd. Welke pagina's en acties zichtbaar zijn hangt af van tenantrol, environmentrechten, licenties en de aanwezige producten.

PPAC is geen appmaker. Apps en flows worden vooral in hun makerportalen ontworpen; het admin center beheert de omgeving waarin ze leven.

Environments beheren

Beheerders kunnen environments maken, kopiëren, back-uppen, herstellen, resetten en verwijderen voor zover type en rechten dat toelaten. Bij creatie worden onder meer regio, type, security group en Dataverse-opties gekozen.

Een environment scheidt apps, flows, connections en eventueel Dataverse-data. De gekozen regio en database-instellingen hebben blijvende gevolgen.

Gebruik naamconventies, eigenaar, doel en lifecyclelabels. Een lijst met tientallen onbekende sandboxes is geen omgevingsstrategie.

Gebruikers en beveiliging

Een environment-security group kan bepalen welke gelicentieerde gebruikers aan een environment worden toegevoegd. Resource sharing en Dataverse-security roles regelen daarna wat ze werkelijk mogen gebruiken.

Tenantrollen zoals Power Platform Administrator geven beheermogelijkheden, maar niet automatisch Dataverse-datarechten in iedere omgeving. Daarvoor is een passende role in die database nodig.

PPAC biedt toegang tot instellingen voor users, teams, application users en security roles. Beheer krachtige rollen en service-identiteiten met periodieke reviews.

Capaciteit

Het admin center toont tenant- en environmentgebruik voor Dataverse database-, file- en logcapaciteit en productspecifieke capaciteit waar van toepassing.

Capaciteit is meer dan een facturatiegetal. Snelle groei kan komen door auditlogs, attachments, duplicatie of een verkeerd procesontwerp.

Stel waarschuwingen en eigenaarschap in en onderzoek groei per tabel of workload. Verwijder data alleen volgens bewaarbeleid en met begrip van dependencies.

Policies en governance

Data policies classificeren connectors en beperken ongewenste combinaties. Environment groups en Managed Environments bieden aanvullende governance op schaal.

Andere mogelijkheden omvatten afhankelijk van configuratie onder meer sharing limits, solution checker, IP-beperkingen, customer-managed keys en export van telemetry.

Een policywijziging kan bestaande apps en flows raken. Analyseer impact, communiceer en test voordat een brede blokkade wordt afgedwongen.

Analytics en monitoring

PPAC bevat analytics voor gebruik, prestaties en beheer van Power Apps, Power Automate, Dataverse en andere diensten. Detail en bewaartermijn verschillen per rapport.

Gebruik rapporten om ongebruikte apps, foutende flows, capaciteitsgroei en adoptiepatronen te vinden. Een dashboard vervangt geen operationele alerting voor bedrijfskritische processen.

Koppel technische signalen aan eigenaar en procesimpact. Veel runs zijn niet automatisch waardevol; weinig gebruik kan zowel overbodigheid als een toegangsprobleem betekenen.

Support en servicebeheer

Beheerders kunnen service health, bekende problemen en supportverzoeken raadplegen via de relevante Microsoft-beheerervaringen. Verzamel environment-ID, correlation-ID, tijdstip en reproductiestappen voor een bruikbare case.

Documenteer wie incidenten mag escaleren en wie communicatie naar gebruikers verzorgt. Een platformmelding moet naar concrete bedrijfsimpact worden vertaald.

Admin center versus makerportal

In make.powerapps.com en make.powerautomate.com bouwen makers apps, tables, flows en solutions binnen een gekozen environment.

PPAC beheert environments, tenantbrede instellingen, capaciteit en governance. Sommige functies overlappen of linken door, maar het verantwoordelijkheidsniveau verschilt.

Het Microsoft 365 admin center beheert gebruikers, licenties en tenantrollen; Microsoft Entra beheert identiteiten en groepen. Power Platform-beheer gebruikt dus meerdere portalen met duidelijke scheiding van taken.

Dagelijkse beheerpraktijk

Review nieuwe environments, capaciteit, geblokkeerde resources, service-identiteiten en kritieke flowfouten. Gebruik automatisering voor inventarisatie, maar laat uitzonderingen door een eigenaar beoordelen.

Beperk permanente adminrechten en gebruik afzonderlijke beheeraccounts waar het beveiligingsbeleid dat vraagt. Log wijzigingen en leg break-glassprocedures vast.

Behandel PPAC als controlepunt voor een beheerproces. Zonder eigenaars, classificatie en opvolging blijft zelfs een volledig dashboard slechts een verzameling signalen.

Laatst Bijgewerkt: July 10, 2026 Terug naar Woordenboek
Trefwoorden
Power Platform admin center PPAC Power Platform administrator environment management Dataverse capacity data policy Managed Environments analytics